Alweer een rondje Frankrijk – 11

Kleng! Daar gaat het ontbijtbord, met ontbijt. Tegen de vlakte. Ik denk, ik zet even die twee tafeltjes tegen elkaar. Dan hoeft Janny niet apart te zitten. Want ongezellig. Weet ik veel dat die bordjes zo glad zijn. Enfin, we rapen de boel op maar Janny wil toch nieuwe bammetjes. Terwijl je hier van de vloer kunt eten. Iedereen ligt in een deuk. Ik scoor punten. Of ik daar blij mee ben weet ik nog even niet. Heb ik weer.

De rit gaat vandaag naar het zuiden. Richting kust. Het regent een heel klein beetje maar niet genoeg om de straat nat te krijgen. Ik ben laat. En als ik vertrek is iedereen al weg. Dat is best. Alleen rijden heeft überhaupt mijn voorkeur. Het gaat op het gemak maar toch rijd ik andere reisgenoten achterop. Aansluiten. Blijkbaar Is mijn gemak toch iets anders als andermans gemak. We slaan ergens af, rijden een berg op en het wordt slingeren. En dat blijft de eerste drie uur zo. Stil op de weg. De route is prachtig. Diepe dalen, mooie uitzichten, kleine echt Franse dorpjes, het zonnetje komt erbij, helemaal niets te klagen. Tenslotte zien we in de verte de zee.

Dan bedenk ik, die achterband. Vanmorgen gecheckt. Hij zit nu op de slijtnokken. Na tweeenzestighonderd kilometer. Dat is rap. Dat betekent vervangen. Ermee naar huis rijden wordt heel spannend. Dat is nog zo’n vijftienhonderd kilometer. Gokken is mijn ding niet. Nice is twintig kilometer verderop en daar zit een KTM dealer. Dat had ik op internet al gezien. Waarom persé een KTM-dealer? Omdat die gereedschap voor die enorme moer hebben waarmee het achterwiel vastzit. Van mijn Spaanse avontuur vorig jaar weet ik dat de meeste bandenboeren standaard geen dop zestig in huis hebben. Bedankt, KTM! Ik besluit er op goed geluk heen te rijden. Nice is een chaos. Druk, druk, druk. Maar de Tomtom zet me voor de deur af. Een uurtje wachten want de zaak gaat pas weer om 14:30 uur open. Zulke werktijden wil ik ook. Dat geeft me de tijd om dit stukkie te tikken. Het hek gaat open, ze kunnen helpen en ze hebben een band. Een Pirelli Diablo Rosso. Voor tweehonderdvierendertig euries. Kolere. Ik zie hem de prijs uit de officiële Pirelli lijst halen dus het klopt wel, maar bij Frank Switser, mijn vaste bandenboer, ben ik waarschijnlijk zo’n tachtig euries goedkoper uit. Nood breekt wetten. Je moet toch wat. Ben wel benieuwd naar de Pirelli. En die combinatie: Dunlop voor en Pirelli achter. Het heeft niet mijn voorkeur. Veel beter is een complete set. Maar niet voor deze prijzen.

In Nice is het inmiddels gaan regenen. De KTM-dealer vertelt dat ze sinds januari vrijwel iedere dag regen hebben gehad. Dat zijn ze daar niet gewend. “Je moet je handel verhuizen naar Zweden”, zeg ik. Maar mijn Frans wordt niet begrepen. Ik snap het zelf eigenlijk ook niet. Hoe dan ook, in Zweden pleuren de mussen al weken dood van het dak van de warmte. Volgens Trump is dat normaal. Klimaatverandering? Bestaat niet, zegt ie. En hij heeft overal verstand van. Net als zijn nieuwe grote vriend Kim. Leuke lui.

De brommer is klaar en ik kan weg. Het is zo ongeveer spitstijd. Nice zit verstopt. Wat een kutstad! Een dringend advies: ga niet naar Nice! Op elke hoek van de straat staat een stoplicht. Nee, ze zijn niet op elkaar afgestemd. Nee, ze reageren niet op verkeersdrukte. Waarom zouden ze ook. Het is er altijd druk. Ja, ze staan altijd op rood. Nee, dat duurt geen dertig seconden. Reken op drie minuten. En dat op iedere straathoek! Je merkt, ik vond het niet leuk. Uiteindelijk verlaat ik toch de stad. Eindelijk. Het is een ruim uur gummen om weer in Valberg te geraken. Waar het een beetje regent. Uiteraard.

Alle berichten Rondje Alpen met MoorMotor

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.