Naar de Pyreneeën (6). Nat

Dat is wat ik ervan word: nat. Echt waar. Nee, regenen doet het niet. We hebben zon en blauwe lucht. Zoals het heurt in de Pyreneeën. Ik word nat van de overweldigende uitzichten die we om onze oren krijgen. Het is erg helder weer en we kijken honderden kilometers ver het landschap in. Het kan een kilometer minder zijn, sorrie, hang me er niet aan op. We staan op de Col de la Pierre. En we kijken onze ogen uit!

De kol van Piet is zeventienhonderdzestig meter hoog en ligt op de grens van Spanje en Frankrijk. We zijn hier gekomen na een uur rijden, toen we rond negen uur vanmorgen vertrokken vanuit Ochagavia. De weg omhoog naar Piet’s kol is een brede, overzichtelijke stuurweg met talrijke korte, lange en haarspeldbochten en prachtig asfalt. Nee, geen knieën aan de grond. Want er zijn ook de nodige blikken met koeien opengetrokken die hier vrij rondlopen. De beesten deponeren overal leuke presentjes op het wegdek. Daar willen wij niet over uitglijden. Die heb ik in mijn leven al genoeg gemaakt: uitglijders. Bovendien is het met zo’n drie graden best fris. En last but not least: met al dat gejakker zie je weinig van de omgeving. En dat is op de kol van Piet een absolute doodzonde. De hele weg op de top is misschien een kilometer of vijf maar we hebben haast een uur nodig. Omdat we stapvoets rijden. Zodat we om ons heen kunnen kijken. En foto’s en filmpjes kunnen maken. Zie hieronder.

Zo. Genoeg over Piet. Terug omlaag gaat de route door de Franse Pyreneeën. Geen straf. Maar er veel over te melden heb ik eigenlijk niet. We komen door St. Jean Pied de Port. Dat is een beroemd stadje op de route die de bedevaartgangers lopen naar Santiago de Compostela. Overal hangen de blauwe bordjes met de gele zon die de route markeren. We zien ook diverse pelgrimmers lopen. Met zware rugzakken. Het aardige is dat ik in juni, twee jaar geleden, een motorreis van twee weken deed met Santiago als einddoel en de pelgrimtocht als thema. Vandaar dat ik het één en ander herken. Lees hier het hele verslag van die trip. We laten St. Jean voor wat het is. Immers, ik ben er al geweest en dat was genoeg.

Frankrijk uit en Spanje weer in. Het gaat vrijwel ongemerkt. Het is ongeveer half drie in de middag, de temperatuur is aardig opgelopen, als we het circuit opdraaien. Circuit? Ik zou niet weten hoe ik het anders zou moeten noemen. Het is gewoon een racebaan. Naar de top van een Col op duizend meter waar ik de naam niet van onthouden heb. De weg omhoog gaat door het Valle de Roncal. Geloof ik. Een brede, behoorlijk overzichtelijke slingerweg door de bossen met een wegdek als een biljartlaken. Lange bochten, korte bochten, doordraaiers, haarspeldbochten…er komt gevoelsmatig geen eind aan. Ander verkeer is er vrijwel niet. De KTM gromt naar me: “rijden, lul!”, en dus schroef ik de boel open. En weer dicht voor de bocht en vol in de remmen. En weer helemaal open. Het gaat van dik hout zaagt men planken. In mijn spiegels verdwijnt Cor uit het zicht. De KTM geeft geen krimp en reageert snaarstrak. Kijken is insturen. Dit is gaaf! Wat een fiets! Ik weet, de weg gaat alleen maar omhoog, dus ik bonk door tot ik boven ben. Daar zet ik de brommer langs de kant. De blaren zitten op de banden. Wachten tot Cor erbij komt. Nog even wachten. En nog even…geen Cor. Dat zint me niet en ik besluit terug te rijden. Een eind omlaag komt ineens Cor me tegemoet rijden. Een hele opluchting. Even vragen wat er aan de hand was. Cor’s Garmin had een ander idee van de juiste route dan mijn TomTom. Huh? Is er een alternatief dan? Is mij onbekend. Hoe dan ook, Cor raakte aan het twijfelen en is gaan pionieren. Maar…we zijn weer compleet. Gelukkig. Moet ik opnieuw omhoog jakkeren. Gadver. Life sucks.

Het laatste uurtje terug naar het hotel is opnieuw leuk rijden. En opnieuw stevig sturen. Ik let erop dat we bij elkaar blijven. Dan maar wat vaker in de rem knijpen zodat die zware Kawa het kan bijsloffen. Tanken. Naar het hotel. Het strakke leer uitrekken en de hotpants weer aan. Naar het terras dat in de zon licht. Het is warm buiten. God wat een hondeleven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.