Tennissen met een rugbybal

“Hij moet precies in het midden stuiteren. Anders gaat het niet.” zegt Henk. De Hij is een rugbybal. Een bal waar een olifant op is gaan zitten zodat ie ovaal werd en Johan Cruyff er niet langer tegenaan wilde schoppen. Geef hem eens ongelijk. De carrière van Johan was dan vast anders gelopen. We staan tegenover elkaar op een tennisbaan. Het idee is dat we gezamenlijk een parkoersje afleggen waarbij we die klotebal steeds naar elkaar toe moeten laten stuiteren. Ik concentreer me, kijk strak naar de bal en stuiter hem naar Henk. Denk ik. Niet dus. Het kreng springt de andere kant uit. Henk springt er achteraan. Bijna te pakken maar mis. Moeten we weer opnieuw van vooraf aan beginnen. Wat een getob. Respect voor die rugbygorilla’s. Die trappen zo’n ei ook nog eens tussen die palen door. Zo’n doel zonder net en geen bovenkant. Is dit leuk?  Hilarisch. dat is het.  Evelien en Angelique, onze cursusgenoten, gaat het beter af. Die zijn al  meters verder. Vrouwen zijn beter met eieren.

Plaats van handeling? Een tennisbaan in Cobbenrode. Een gat in de buurt van Winterberg in het Duitse Sauerland. Henk en ik hebben er een week tenniskamp geboekt. Zes dagen intensief les onder de bezielende leiding van Meindert, gediplomeerd tenniscoach. En als je even niet tennist? Een luxe viersterrentent met alles erop en eraan. Volpension dus drie keer per dag een culinair vorkje prikken. Een beetje zwemmen in het inpandige zwembad. Een ronde. Lastig als je baantjes wilt trekken. Dan maar rondjes zwemmen. Net als een goudvis in een kom. Weet je hoe je zo’n beest gek krijgt? Door hem te vragen van hoek naar hoek te zwemmen. Er is ook een mooie sauna maar daar heb ik even geen zin an. De mussen pleuren dood van het dak! Hangen in een hangmat in de tuin. Even met de vingers knippen voor een koel biertje. Een hondenleven. Die rugbybal zelf heeft uiteraard geen lor met tennis te maken maar Meindert legt uit dat het gaat om de oog-hand coördinatie. Je moet strak naar dat ei kijken en zorgvuldig gooien om hem fatsoenlijk te laten stuiteren. Zegt Meindert. Wat mij betreft spoelt hij het ding door de plee. Met tennis is goed naar de bal kijken ook handig, zo schijnt het. Meindert heeft een heel scala aan gadgets bij zich om dit soort zaken te oefenen. Grappig. De cursus is jammer genoeg niet volgeboekt. We zijn slechts met z’n vijven. Het voordeel ervan is dat we royaal aandacht krijgen. En lang op de baan staan. Heel lang. Elke dag zo’n vijf uur. Tweeënhalf uur ‘s-ochtends, lunch en dan weer zo’n tweeënhalf uur ‘s-middags. Op een gravelbaan onder de koperen ploert, rond de vijfentwintig graden met geen schaduw en met geen zuchtje wind. Het aantal liters water dat ik gedronken heb om het verloren lichaamsvocht aan te vullen heb ik niet bijgehouden. Véél.

Met zoveel tennisdagen is er ruim tijd om alles door te nemen. Van techniek naar taktiek en weer terug. Meindert heeft meteen door waar het bij mij aan schort. Wat tennis betreft dan. Hij geeft bruikbare tips en samen werken we aan verbeteringen. Het helpt. Ik merk dat mijn tennis erop vooruit gaat. De controle wordt beter. Een belangrijke doelstelling is serveren. Dat gaat ruk. Voortdurend dubbele fouten slaan is vervelend. Vooral als er drie mensen om je heen wortel staan te schieten. Die verveeld staan te kijken wanneer nou eindelijk eens die bal over dat net komt. Pomtiedomtiedom. Rollende ogen en zo. Natuurlijk moet ik daar maling aan hebben maar zo werkt het nou eenmaal niet. Tennis zit tussen de oren. Het advies: alleen op de tweede service concentreren. Ja, dat is meestal een zeikbal. Maar als ik er redelijk op kan vertrouwen dat die goed gaat hoef ik over de eerste service minder nerveus te worden. Meindert geeft me wat aanwijzingen en laat me elke dag een paar emmers met ballen wegslaan op een aparte baan. Het werkt. Op zeker moment gaat inderdaad ook die eerste service beter lopen. Poehééé. Het wordt nog eens wat!

We sluiten de week af en gaan huiswaarts. Ben ik nou ineens nivo vijf? Neen. Verre van dat. Die baan is nog steeds regelmatig een meter tekort of te smal. Maar er is vooruitgang en daar gaat het om. En zo’n week is ronduit plezierig. Zolang de warmte niet in je knieën zakt en alle fut eruit haalt. Geweldige ambiance, leuke mensen, lekker eten, prachtige omgeving om rond te rijden. Want ik ben er op de motor heengegaan.  En zo moet ik ook weer terug naar huis. Een extra feestje. Volgend jaar ga ik weer!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.