Opnieuw die Alpen! Dag 3

Oh ja. Gisteren hadden we nog een oeps-momentje. Een vierbaans Route Nationale met een afslag naar een andere. Mooie kniebocht, driekwart rond, even invoegen, invoegstrook….geen invoegstrook! Ik dacht dat deze krengen overal verdwenen waren in Frankrijk. Nou, niet. Ik zie het net op tijd, hard op de remmen en snel kijken. Gelukkig geen verkeer dus niks aan de hand. Fred achter mij overkomt hetzelfde maar die heeft een auto. Maar ook hier is nog voldoende ruimte. Toch even schrikken. Achtelijk, deze manier van invoegen.

Vanacht redelijk geslapen in Morzine. ‘s-Nachts veel onweer. Harde klappen. Veel regen. Als we ‘s-ochtends wakker worden opnieuw onweer en regen. We bereiden ons geestelijk voor op een dag in regenpak en nattigheid. Wassen, aankleden, ontbijt (meer dan prima), spullen inpakken. En dan breekt de zon door. Blauwe lucht. We hebben weer eens mazzel. Wel natte straten als we wegrijden. Reden voor ons om het op ons dooie gemak te doen. We rijden vrijwel meteen de Col de Joux Plane op. Nog niet eerder geweest. Werkelijke prachtige omgeving en het slingert dat het een lust is. Fietsers. En een wielrenner. Met naast zich een auto van Team Sky in vol ornaat. Antennes op het dak. En ook een satellietschoteltje. Die renner, ik ben niet zo bekend met Team Sky maar het zou zomaar een bekende meneer kunnen zijn. Froome? Maar het lijkt me niet verstandig de man om een handtekening te vragen. Hij trapt zich de tandjes tegen die berg op. Grote kans dat ik het bekende internationale gebaar krijg. En dus rijden we gewoon door.

Er volgen nog een paar Cols. De Col de la Colombière, de Cormet de Roselend. Is dat ook een Col? Geen idee. De pukkel is wel negentienhonderdachtenzestig meter hoog. Dat lukt die St. Pietersberg van ons niet. De Col des Aravis. Ik had er nooit van gehoord maar we nemen hem even mee. En tenslotte de Col de L’Iseran. De hoogste. Daar heb ik al diverse keren bovenop gestaan maar het blijft een adembenemende omgeving. Prachtig mooi. Zolang je tenminste niet over het randje naast de weg lazert want dan duurt het even voor je de bodem aantikt. We komen ook motorrijders tegen die hard willen. Rechtuit lukt de jongens dat best maar als er gestuurd moet worden laten veel knapen het afweten. Dan is het mooi om te merken dat deze ouwe lul van eenenzestig ze gewoon het snot voor de ogen rijdt. Maar ik trap daar niet te vaak in want dan zie je zo weinig van de mooie omgeving. Er is een knaap op een scheurijzer in een mooie doordraaier die er geen raad mee weet. Hij probeert het wel en ik kijk het even aan maar tenslotte ben ik er maar buitenom omheen gereden. Ik moet bekennen dat ik daar lol om heb. Kinderachtig. Inderdaad.

We hebben een benzinemomentje. Fred rijdt op de reserve en de eerstvolgende pomp komt pas over vijftig kilometer, volgens TomTom. Oei. We zoeken een pomp dichterbij. TomTom weet niks. Een aardige Franse meneer in een souvenirshop die ik ernaar vraag in mijn steenkolenfrans wel. We vinden de pomp. En snel daarna ook een terrasje voor een broodje. Terwijl we de broodjes wegwerken verbazen we ons over de enorme hoeveelheid GS’en die voorbij komen. Kolere. Fijn voor meneer BMW, knappe marketing ook, en de fiets zal ongetwijfeld goed rijden maar wat een armoe. Al die mannen die in kolonne op hetzelfde ding rondknorren. Motorrijden is een individualistisch gebeuren, zo wordt beweerd. Oh? Nou, niet hier!

Nu in een aardig hotelletje aan de voet van de L’Iseran. Lanslevillard heet het gat. Morgen verder naar het zuiden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Alle berichten Rondje Alpen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.