Max op Zandvoort

Mijn zoon Steven maakte mij erop attent, een paar maanden geleden. “Max Verstappen gaat demo’s doen op Zandvoort pa, misschien vind je het wat”. Ik vind het wat. Waarom weet ik niet precies, maar sinds Max in de Formule1 leuke dingen doet volg ik het op de voet. Net als die andere paar honderdduizend Nederlanders. Misschien omdat het gewoon een simpel, onbevangen en leuk joch is dat iets kan en doet wat een normale boerelul nooit voor elkaar krijgt: op spectaculaire manier meedraaien in het idiote en ridicule circus dat Formule1 heet. Ik had de kaartjes al voordat Max naar Red Bull verhuisde. Nog voordat hij in Barcelona won. Nog voordat Jumbo kaartjes gratis begon uit te delen. Godsakke! Ik zal toch geen zeventig euro voor Jan Doedel hebben betaald? Dat blijkt later niet het geval. Gelukkig.

Omdat het algemeen bekend is dat je met dit soort dagen nooit met de auto naar Zandvoort moet gaan als je niet uren in het verkeer vast wilt zitten, besluiten we om het blik in Haarlem Spaarnwoude neer te zetten en dan de trein te pakken. Op internet wordt gewaarschuwd voor de te verwachten drukte dus draaien we ‘s-ochtends om half acht het industrieterrein Spaarnwoude op. Verkeersregelaars blokkeren er het parkeerterrein van Ikea. Ik maak een praatje en de man vertelt me dat Ikea bang is geen ruimte over te houden voor de eigen klanten. Dat snap ik. Het P&R-terrein heeft nog ruimte genoeg en we kunnen het blik vlot kwijt. Het perron staat al flink vol met mensen. De trein is keurig op tijd en een goed half uur later lopen Steven en ik in Zandvoort richting circuit. Het is duidelijk: we zijn niet de enige.

Bij de ingang van de hoofdtribune houdt een aardig meisje in een hesje van de organisatie ons tegen. Ze wil onze kaartjes zien anders mogen we de tribune niet op. “Ik ben blij dat je er staat” deel ik de dame mede. Ze moet lachen en we laten onze kaartjes zien. Een handscanner doet de rest. We vinden een plekje en gaan zitten in afwachting van wat komen gaat. Er staat een frisse wind. Da’s een beetje jammer. Dan begint er ergens een halve zool een naam te roepen. Ik verwacht hier helemaal geen bekenden en ik heb in eerste instantie niet in de gaten dat het mijn eigen naam is. De man houdt vol en ik kijk toch eens om me heen. Blijkt mijn collega René een stoel schuin achter me te zitten. Stom toeval. En erg leuk ook. René blijkt ook een Max-virus te hebben. Hij is niet de enige. Het programma omvat wat autoraces die me niks zeggen en er doen coureurs aan mee die me ook niks zeggen. Het Wilhemus wordt gespeeld, er worden bekers uitgedeeld, een champagnespuiterij, het zal wel. Ik vind het goed. Dan worden we vermaakt met de tweevoudig Europees kampioen motorstuntrijden. Hij doet een hele serie spannende dingen op zijn motor behalve er normaal op rijden. Dat laatste lukt mij weer erg goed maar dat vind natuurlijk geen hond leuk om naar te kijken. De show is vermakelijk. Het jong kan rijden, da’s helder. Hij doet handstands op z’n benzinetank en ziet kans om z’n achterband in een stief kwartier op te roken.

Max komt in zijn Red Bull de pitbox uit en begint aan zijn eerste demorun van de dag. En dat is indrukwekkend. De Red Bull is in dit geval een wat oudere auto met een V8 motor achterin. De geitenwollensokken onder ons, die bij elke kreun boven de vijftig decibel meteen hun advocaat bellen, zullen het afschuwelijk vinden maar zo’n V8 klinkt een stuk leuker dan die bladblazers waar ze heden ten dagen in de Formule1 mee rondrijden. Max komt met driehonderd kilometer per uur over het rechte eind voor de tribune langs, volgens de speaker, en ik geloof hem. Het geluid is kippenvel. Geweldig! Er staan links van de baan afstandsborden naar de Tarzanbocht. Ze dienen als rempunt. Ik heb drie keer met mijn motor op Zandvoort gereden en ik gebruik ze dan ook. Max vindt het zeventig meter punt voldoende geschikt om eens te gaan remmen terwijl hij met driehonderd aan komt gieren. Neem van mij aan: dat is dapper. Echt. Daar moet je serieus ballen voor hebben. En veel vertrouwen in je remmen. Nee, ik ga niet vertellen waar mijn rempunt ligt. Ik heb ook een imago hoog te houden. Daarna mag Max een praatje doen voor de tribune en volgt er weer een andere race met Mazda’s. Steven en ik besluiten om bij de paddock te gaan kijken. Daar worden we niet veel wijzer van. De trailer van Red Bull is het domein voor de handtekeningenjagers. De drukte is enorm. Vechten voor een handtekening, dat geloven we wel en we besluiten om naar het dak van de paddock te gaan. Dat valt tegen want ook hier drie rijen dik bij de balustrades. We zien geen moer en vertrekken weer richting tribune Hunzerug. Daar vinden we ruimte en een prima uitzicht. Max doet nog een derde demo omdat z’n tweede demo eindigt in technische malheur en draait een paar donuts vlak voor onze neus. Leuk.

Terug naar huis gaat het voorspoedig. De trein werkt prima, de auto staat er nog. Een goed uur later zijn we thuis. Het was een leuke ervaring. En Max? op naar Canada. En hopen dat ie de race nu wél uitrijdt, want in Monaco…foutje, bedankt.

DSC_6633 (Large)DSC_6606 (Large)DSC_6621 (Large)DSC_6550 (Large)DSC_6624 (Large)KartsOpZandvoort1 (Large)VerstappenRedBull3 (Large)KartsOpZandvoort2 (Large)DSC_6573 (Large)VerstappenRedBull1 (Large)VerstappenRedBull2 (Large)

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.