Buffelen in Nijmegen (2, woensdag)

Ze willen allemaal sex met me! Sodemieter op! De tijd dat ik van de derde verdieping een volwassen vent van z’n brommer spoot ligt al even achter me. Accoord, eentje zou ik nog wel kunnen handelen maar dan moet eerst die rugzak af. Daar pieker ik niet over. Toch, als we Wijchen naderen horen we het in de verte al uit de enorme luidsprekers knallen: Ik Wil Sex Met Die Kale. Fijn. Sommige mensen kijken me meteen aan maar ik doe alsof ik gek ben. Inderdaad, dat kost weinig moeite. We horen het nummer niet één keer, nee, het achtervolgt ons door heel Wijchen heen. Want Wijchen weet wat feesten is.

Terug naar het begin. Als om vier uur de wekker gaat spring ik enthousiast meteen uit de veren. Oké, dit is iets gechargeerd. Maar als ik door de kamer loop valt me iets op: geen last van mijn achillespezen! Ik ben echt verbaasd. Want die pezen, dat is al jaren een dingetje bij mij. Ik heb me daar serieus zorgen over gemaakt. Het valt Irene ook op: “zo, je loopt soepel”. Zeker. Hopen dat het zo blijft.

De bus wordt opnieuw uitgezwaaid door het keukenpersoneel. We pinken niet meer. Sommige dingen wennen nu eenmaal snel. Gewoon terug zwaaien. En door. Inchecken in de Wedren en op pad. Opnieuw prima weer. Het gaat gezwind maar we vinden het wel een tikkie saai. De route gaat door de buitenwijken van Nijmegen en dan naar het land van Maas en Waal. Alle bewoners liggen nog op hun nest. Geef ze eens ongelijk. Op straat valt weinig te beleven. Er wordt ook weinig gezongen en gepraat. Dan maar een muziekje op de oren. Leonard Cohen. Daar wordt je tenminste vrolijk van.

Als we twee uur en tien kilometer verder zijn krijgt Irene problemen. Haar kleine teen speelt op. Daar heeft ze al een tijd een eksteroog op zitten. Eksters wil je niet tijdens de Vierdaagse. Irene heeft speciaal verbandmateriaal waarmee ze het fixt maar helemaal opgelost is het probleem niet. Vervelend. Ik merk aan haar dat het niet fijn gaat. Mijn zorgen nemen toe. En we moeten nog dertig kilometer. Weer tien kilometer verder krijgt ze ook nog last van pijnlijke drukpunten in haar rechtervoet. Nog meer sores. Ik stel voor om er twee flinke pillen Ibuprofen in te kiepen. Dat doet ze. En gelukkig, een half uur later nemen haar klachten af. Top. En ik? Ik ga als een kievit.

De woensdag bij de Vierdaagse heet roze-woensdag. Het houdt verband met de mensen onder ons op wie die hele trits letters van toepassing is. Welke precies weet ik even niet. Er komen er ook steeds meer bij. En zo lang is dat alfabet niet. Voor mij is het simpel: een H. Van hetero. Punt. Saai maar honkvast. Ik ben een man van tradities. Het werkt al drieënzestig jaar. Never change a winning team. Hoe dan ook, het is de bedoeling dat iedereen in het roze gekleed gaat. Dat wisten wij niet en daar zijn we niet rouwig om. Maar er lopen er genoeg die wél gehoor aan de oproep gegeven hebben. Dat is best vermakelijk. Toch lijkt me het nogal warm in de volle zon: een roze pruik en een lange roze galajurk. Als de man in kwestie een boom zoekt om te pissen is het plaatje nogal hilarisch.

Het is klokslag drie uur als we terug zijn in de Wedren. Stoer van Irene. Ze heeft zich op karakter er doorheen gebeten. Vanavond gaan we kijken of we de ongemakken kunnen fixen. Want de Vierdaagse moet bij voorkeur op rolletjes lopen. Niet dat dat is toegestaan trouwens. Vandaag liep het niet zo lekker. Morgen een nieuwe poging. Met de Zeven Heuvelenweg. Iedereen zegt dat het de zwaarste dag is. Dat hoorde ik veertig jaar geleden ook en het is onzin. Gewoon lopen en niet zeiken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.